“The man with the Golden Hands.”
Het is allemaal 3 dagen na mijn
16e verjaardag begonnen. Ik kreeg samen met mijn vriend een
kop-staart-botsing. Een behoorlijke klap, maar in eerste instantie
waren we met de schrik vrijgekomen. De politie vond het niet nodig
om mij naar het ziekenhuis door te sturen, maar we zijn toch maar
even gegaan. Röntgenfoto’s gemaakt, wat onderzoeken: het zou
allemaal wel goed komen. Waarschijnlijk zou ik alleen wat stijf
zijn. Een half jaar later, inmiddels had ik regelmatig pijn in de
nek en na een paar bezoeken aan de fyshio gingen mijn klachten niet
weg. Mijn vriend, zusje en ik gingen even een stukje rijden en
besloten de provinciale weg te pakken, gewoon lekker rustig, totdat
er een vrachtwagen ons probeerde in te halen. Hij pakte de
linkerkant van de vluchtstrook en wij reden ernaast. Hij moest
uitwijken voor tegemoetkomend verkeer die hij waarschijnlijk veel te
laat pas had gezien en ramde ons aan de zijkant. We besloten naar
het ziekenhuis te rijden. Weer hetzelfde traject gevolgd van foto’s,
onderzoeken en weer werd ik naar huis gestuurd. Dit keer zouden het
wat kneuzingen zijn. Het ongeluk was in mijn ogen minder heftig dan
een half jaar ervoor en ik dacht dus ook dat ik wel snel weer de
oude was. Het tegendeel bleek waar. Ik heb veel therapieën gevolgd.
Ik ben behandeld met magneten, heb osteopathie gehad, heb
verschillende keren de huisarts gevraagd om hogerop te gaan, maar
deze lieten weten dat de klachten waarschijnlijk snel minder zouden
worden. Gelukkig had ik een goede conditie: zat op de toneelschool,
danste bij een dansacademie en deed ook nog aan majorette. Ik was
redelijk lenig. Mijn klachten leken af te nemen en ik kon al mijn
hobby’s blijven uitvoeren en was begonnen aan mijn studie
Journalistiek in Zwolle. 2 jaar heb ik me weer wat beter gevoeld.
Maar in mijn 3e studiejaar kwam ik s’avonds terug van de
musicalschool waarna wij over een provinciale weg naar huis reden.
Mijn vriend reed en raakte plots (door opvliegende eenden tegen de
autoruit) de macht over het stuur kwijt en we raakten in een damwand
van een sloot terecht, werden weer opgelift en door een hek heen
geboord. Per ambulance ben ik toen afgevoerd naar het ziekenhuis. 4
uur lang heb ik daar ‘gelegen’ en gewacht op uitsluitsel. Ze
besloten me naar huis te sturen. Ik had tenslotte niets gebroken,
maar ik voelde dat er iets goed mis was. Ik had namelijk continu
pijn in mijn nek, mijn rug was helemaal stijf en na verloop van tijd
kon ik niet meer goed functioneren. Elke seconde van de dag pijn en
dat op je 19e. Mijn klachten waren hoofdpijn,
concentratiestoornissen, het niet kunnen verdragen van licht,
tintelingen in de rechterarm en zelfs uitval van de arm of een
‘dood’ gevoel. Ik kreeg van de huisarts een verwijzing om naar de
revalidatieafdeling van het ziekenhuis te gaan. Daar heb ik een paar
maanden therapie gekregen. Na meerdere malen te smeken bij de
neuroloog is er een MRI-scan gemaakt en hebben ze mijn zenuwen
doorgemeten. De neuroloog liet mij uiteindelijk weten dat ik maar
met de behandeling moest stoppen. Hij wist niet wat hij met mij
aanmoest. “U moet er maar mee leren leven”, was zijn antwoord.
Door mijn werk bij SBS6 kwam ik begin 2005 in contact met Peter
Andriesse. Ik heb een aantal jaar geleden een item gezien in Hart
van Nederland over een man die in een rolstoel richting The Bonati
Institute vertrok. Hij keerde helemaal genezen weer terug. Ik heb
contact gezocht met Peter en ben toen naar de eerstvolgende meeting
gegaan. Dr. Limonte was aanwezig en kon mij vertellen aan de hand
van de MRI’s dat ik wel degelijk iets mankeerde. Ik bleek naast een
whiplash, twee nekhernia’s te hebben die ze in Nederland gewoon
verzwegen. Mijn wereld stortte eigenlijk een beetje in, maar aan de
andere kant ging er ook een voor me open. Hoe kon deze man, hij was
niet eens Bonati zelf, zien dat ik echt iets mankeerde. Ik was
volgens de artsen hier al uitgedokterd. Omdat mijn MRI op een cd-rom
was geleverd, moest ik een paar maanden later terugkomen met mijn
scans op film. Dit keer was dokter Bonati er zelf en hij beloofde
mij beter te kunnen maken. Het was voor hem een soort routineklus.
Ik kon het bijna niet geloven. Maar ja, dan ga je toch nadenken. Ik
had namelijk niet in een keer zoveel geld om de operaties te
betalen. Ik zou er namelijk 2 nodig hebben voor de C5/C6 en de
C6/C7.
Ik heb er dagenlang met mijn ouders over gesproken en uiteindelijk
hebben wij bij een kennis een persoonlijke lening kunnen krijgen.
Peter heeft toen alles voor me kunnen regelen en binnen 6 maanden
(na het eerste contact) was ik met het vliegtuig op weg met
bestemming Hudson: The Bonati Institute. Het is echt geweldig
hoeveel werk Peter voor mij heeft verricht. Dat zal ik nooit
vergeten en dan ook nog de mensen bij Bonati. Ik wist niet dat een
kliniek zo hartverwarmend kon zijn.
Ik moest mij op maandagochtend melden bij de kliniek. Daar moesten
we allemaal formulieren invullen voor de gegevens en medische
achtergrond. Ik kreeg een rondleiding door de kliniek en moest ook
nog een aantal reguliere dingen doen, zoals het maken van
röntgenfoto’s en MRI-scans . Op dinsdag stonden het bloedprikken en
de ‘zenuwtest’ op het programma.
Woensdag was de dag van de operatie. Licht gespannen werd ik om 8
uur ’s ochtends verwacht. Ik kreeg een korte uitleg over wat er ging
gebeuren en we gingen ons toen klaarmaken voor de operatie. Ik kreeg
een mooi wit ‘shirt’ aan en werd toen met infuus en al de
operatiekamer binnengebracht. Ik was al wat duf van het infuus en
werd toen op de operatietafel klaargemaakt. Ik heb de hele operatie
live gevolgd op een monitor. Ook mijn vriend was bij de operatie.
Mijn zusje was mee op ‘vakantie’ en ook mijn moeder was voor 10
dagen overgekomen. Ik heb nog nooit zoveel lieve mensen om me heen
gehad. Ik vroeg op een gegeven moment zelfs aan dokter Bonati of hij
trots op me was. Ik was namelijk heel zenuwachtig. Mijn been begon
ook op een gegeven moment te trillen waar ik een beetje van schrok,
dit had te maken met de beknelling van de zenuwen in mijn nek. Hij
ging met zijn instrumenten aan de slag bij de zenuw en op een
gegeven moment lag mijn been weer stil. Ik voelde de pijn uit mijn
nek wegvloeien en ik voelde ‘de man met de gouden handen’ zijn werk
afronden. Ik was helemaal verbaasd. Hoe kon dit. De dagen erna heb
ik me wat stijf gevoeld. De drain werd de dag na de operatie
verwijderd en ik kreeg ook een epidural, een soort ruggenprik om
littekenvorming en bloedpropjes tegen te gaan. Je krijgt dan weer
even een klein infuus en ook dan ga je weer even naar de
uitslaapkamer. Het klinkt misschien eng, maar dat is het absoluut
niet. Het is een must. Ik was het stijve gevoel in mijn nek vrijwel
direct daarna kwijt. De rest van de dagen heb ik elke dag
fysiotherapie gehad en heb ik zelf geoefend om weer aan te sterken.
En gelukkig bleek dat ik maar één operatie nodig had om van mijn
klachten af te komen!
Na 22 dagen Hudson kon ik eindelijk naar huis, naar mijn familie
die in spanning wachtte op een volledig ‘nieuwe’ Daniëlle.
Ik zal dokter Bonati, The Bonati Institute, Peter en alle mensen
die mijn operatie en herstel in de kliniek mogelijk maakte nooit
vergeten. Ze hebben een speciaal plekje in mijn hart gekregen. Ik
raad mensen met zware klachten zeker aan om naar Bonati in Amerika
te gaan.

Elke keer als ik de foto van mij en dokter Bonati zie denk ik dat
is: the man with the golden hands……
Daniëlle (18-02-1984)